Cambodja vonden wij een heel leuk land om een maand door te reizen.
Het is een land met weinig eigen economische activiteit. Bijna
alles wordt ingevoerd vanuit Thailand, China en Vietnam. Er is opvallend weinig industrie en er lijkt
weinig steun te zijn/ te komen vanuit de overheid. Rijst, bier en edelstenen
lijken hun belangrijkste nationaal product.
We merken hier en daar nog de invloed van het Franse verleden…je
kan hier baguettes eten, pastis en cointreau kopen en petanque spelen.
In Cambodja wordt met Amerikaanse dollars betaald, ook uit de
ATM-automaten komen dollars ! Kleingeld ( minder dan één dollar) wordt terug-betaald
in riel ( 1 $ = 4000 riel )
In Cambodja is het gemakkelijk reizen. In de
guesthouses staan ze altijd klaar om je te helpen en om dingen voor je te
regelen ( bustickets, tuktuk,…).
Grote verbindingswegen zijn goed onderhouden. Daarbuiten zijn het vooral stoffige,
rode pistes en wegen. Cambodjanen, vooral de mannen, houden er een rustig leventje
op na. De hangmat is niet voor niets het symbool van Cambodja…iedereen heeft er
één en ligt er ook in één.
Ze hebben een zeer lekkere (
Khmer ) keuken ( veel wokken, lekkere curry’s). Er is een grote verscheidenheid
aan fruit. Ook veel onbekend fruit, zoals dragon-fruit, charon, lychees...
Er is een enorm verschil tussen
het leven in de stad en het leven op het platteland. Het Cambodjaanse volk op
het platteland is doorgaans arm. Ze zijn van nature eerder bescheiden en
geremd.
Vele vrouwen dragen overdag een pyama ( broek en hemd ) en ze hebben ze
in alle kleuren en patroontjes!
We genoten van de
jungle met zijn veel prachtige bomen: soms heel oude, soms drie-in-een-bomen,…met
z'n krullende wortels en veel mooie bamboebossen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten